Taal

September 4, 2019

Keer op keer corrigeerde mijn redacteur me: ‘T-shirt schrijf je met een hoofdletter T.’ Hij veranderde het, maar op de een of andere manier beklijfde het niet. Het is geen merknaam, geen plaats en al zeker niet verheven, dus waarom schrijven we het niet gewoon als t-shirt? En, vroeg ik me af, waar staat die T eigenlijk voor? Daar had ik werkelijk nooit over nagedacht.

Nu ik erop let zie ik met regelmaat, zelfs in dure winkels op het Stadsplein, bordjes met daarop de tekst ‘t-shirts’. Verkopers zullen net als ik vinden dat shirts geen aanspraak maken op de sjieke kapitale letter.  Het gaat om de vorm, legde mijn redacteur uit. Ja, natuurlijk! Opeens voelde ik me dom. Bij een U-bocht en T-splitsing zie ik het voor me. De letter vormt zich bij wijze van spreken al rijdend op mijn netvlies. Het zou werkelijk raar zijn om een T-splitsing met een kleine t te schrijven. Dat begrijpt zelfs een kind.

Taal is vaak logischer dan we denken. En soms vertelt taal iets over onze geschiedenis. Zo leerde ik dat veel Nederlandse woorden uit het Frans komen, simpelweg omdat vroeger de machthebbende elite Frans sprak. In heel Europa, in Rusland en in Afrika drukte iedereen, die zich belangrijk voelde, zich uit in Franse zangerige klanken. En nog steeds zitten we aan een Frans bureau en laten we ons rijden door een chauffeur.

 

In 1789 werd in Frankrijk de Assemblée Nationale opgericht, een nieuwe bestuursvorm aan het begin van de Franse Revolutie. In de vergaderruimte, te vergelijken met onze Tweede Kamer, zaten voor het eerst de adel en de vertegenwoordigers van de burgerij als kemphanen tegenover elkaar. De adel, aan de rechterzijde, luisterde met samengeknepen mondjes naar de veranderingen die de burgerij, op links, wilde doorvoeren. De edelen reageerden onwillig en conservatief op de progressieve voorstellen van de mannen aan de andere kant van de zaal. We spreken nog steeds over linkse en rechtse politiek. En dat is niet omdat er meppen worden uitgedeeld met links of rechts.

 

Taal, ik hou ervan. In de media lees ik dat taal tegenwoordig een ondergeschoven kindje is. (De uitdrukking is afgeleid van het kind dat vroeger in de lade onder de bedstee moest slapen.) Een deel van onze cultuur verdwijnt in afkortingen en fonetisch geschreven woorden. Moet ik mijn kinderen hierin corrigeren of bouwen zij aan een eigen, nieuwe taalcultuur, en ben ik conservatief?

 

***

 

Jacobine van den Hoek schreef Zondebok, haar debuutroman. Het boek is verkrijgbaar  bij alle lokale boekhandels of via internet. Ook als e-book of luisterboek.

 

'Een verdienstelijk, overtuigend debuut.' - Telegraaf

 

'Zondebok is een interessant boek, leest vlot, boeit vrijwel meteen en is zonder een spannend boek te zijn wel degelijk spannend.' - Remco Houtepen, boekverkoper Libris Venstra Amstelveen

 

 

Tags:

Please reload

Tag / onderwerpen